De vier posten die uw business case bepalen
Een gesloten kassasysteem verdient zich niet terug op één grote post, maar op vier kleinere die elke maand terugkomen. Breng ze eerst in kaart voordat u naar een prijs kijkt, dan weet u meteen welk model logisch is.
- Personeelstijd: minuten tellen en sealen per dag × aantal diensten × uurloon
- Kasverschillen: contante dagomzet × uw huidige verschilpercentage
- Verzekeringspremie: mogelijke korting bij aantoonbare overvalpreventie
- Risico en herstel: overvalschade, foutcorrecties en accountantsuren
Rekenvoorbeeld horeca
Een horecazaak met ongeveer €400 contante dagomzet en drie diensten per dag bespaart typisch zo'n 30 minuten personeelstijd per dag. Bij een gemiddeld uurloon komt dat neer op enkele honderden euro's per maand. Daarbovenop vervalt een kasverschil van rond een half procent van de contante omzet.
In deze situatie ligt de terugverdientijd doorgaans tussen de 12 en 18 maanden, en is de cashflow bij een leaseconstructie vaak al vanaf de eerste maanden neutraal tot positief.
Rekenvoorbeeld supermarkt
Bij een supermarkt met circa €1.500 contante dagomzet en meerdere kassa's ligt de opbrengst een veelvoud hoger. Er wordt vaker afgeroomd, er zijn meer kassawissels en het overvalrisico is groter, waardoor zowel de tijdwinst als de risicoreductie zwaarder telt.
Supermarkten kiezen daarom vaker voor een groter model met hogere capaciteit; ondanks de hogere investering is de terugverdientijd meestal korter dan in de horeca.
Wat u zelf moet aanleveren voor een exacte berekening
Wij rekenen de terugverdientijd gratis en vrijblijvend voor u door. Daarvoor hebben we een paar cijfers nodig die u meestal zo uit uw kassarapport haalt.
- Gemiddelde contante dagomzet en het aandeel contant in uw totale omzet
- Aantal kassapunten en het aantal diensten per dag
- Hoeveel tijd er nu dagelijks aan tellen en sealen opgaat
- Het kasverschil dat u nu gemiddeld per maand ziet
- Uw huidige kassasoftware en pinautomaat
